Exercise Dutch conditionals

Choose the situation of the conditional that is expressed in the sentences.

Als ik tijd heb vanmiddag, kom ik langs. 
(If I find the time this afternoon, I will stop by.)

Als ik zakte voor de test, zou ik verdrietig zijn. 
(If I failed the test, I would be sad.)

Als ik beter had opgelet, was ik niet gevallen.
(If I had paid more attention, I would not have fallen.)

Als ik gestudeerd had, zou ik zijn geslaagd.
(If I had studied, I would have passed.)

Als ik de race gewonnen had, zou ik heel blij zijn.
(If I won the race, I would be really happy.)

Als zij slaagt voor haar rijexamen, zal ik blij zijn.
(If she passes her driving test, I will be happy.)

Als Maria naar huis gaat, zal ik verdrietig zijn.
(If Maria goes home, I will be sad.)

Jij zou geslaagd zijn, als je gestudeerd had. 
(You would have passed, if you had studied.)

Als ik de toets af heb, kan ik eerder naar huis.
(If I finish the test, I can go home earlier.)

Als ik beter geslapen had, zou ik nu niet moe zijn.
(If I had slept better, I would not have been tired now.)

Level: 
A1
Trained skill: 
Reading